Jade Regent

De Reis naar Galduria
Een "ingewikkelde" zaak

4711, Sarenith 17

Na nog één dag bij Waltus verbleven te hebben, zijn we terug naar Sandpoint gegaan. Daar hebben we onze vondsten aan Ameiko laten zien en ze was heel erg onder de indruk. De gevonden schatten mochten we houden van haar. Wij hebben zelf een feestje gegeven ter ere van onze overwinning, met het buitgemaakte vuurwerk om voor extra spektakel te zorgen. Ik denk dat we allemaal compleet bezopen waren tegen het einde van het feestje. Ik heb Westley gekust en Shalelu kwam tussen voor we verder konden gaan. Ze zei me dat beslissingen over liefde niet gemaakt horen te worden als je zat bent, en ze heeft natuurlijk gelijk. Ik heb haar een mooi versierd kompas cadeau gegeven en een houtsnijwerkje dat ik voor haar gemaakt had: een slang die een goblin wurgt. De slang kan je van de goblin afhalen, zodat je dan twee aparte beeldjes hebt. Ze was er heel erg blij mee.

Er was ook sprake van een expeditie naar Brinewall Castle, omdat dat ooit van Ameiko en Hisashi was. Westley gaf al aan deze keer niet mee te gaan. En hoe we ook probeerden hem te overtuigen, hij wilde echt niet. Na het feest werd ik ‘s morgens wakker in een bed in een kamer in de Rusty Dragon. Ik weet niet meer juist hoe ik daar terecht ben gekomen, maar Shalelu vertelde me dat zij me gedragen had. De hoofdpijn en misselijkheid waren afschuwelijk en ik zwoor nooit meer te drinken. Shalelu gaf me een pakketje van bladeren om op te zuigen en langzaam aan werd het beter.

4711, Sarenith 19

Shalelu en ik gaan ook mee met de karavaan. Verder gaan natuurlijk Ameiko en Hisashi mee. Wingcaller en Ninetails hebben ook aangegeven mee te willen. Koya Mvashti en een dwerg genaamd Graccus gaan ook mee. En Sandru, die gisteren tijdens het feest ook ergens was aangekomen, heeft zijn karavaan ter beschikking gesteld en heeft het aan ons gelaten om extra karren, materiaal en personeel te voorzien. We hebben een extra passagierskar en een extra voorraadwagen meegenomen. We beginnen de tocht dus met twee passagierskarren, twee voorraadwagens en Koya Mvashti’s wagen. Als extra personeel hebben we de twee bestuurders die Sandru vast in dienst heeft, Bevelek en Vankor. En verder hebben we nog Kersina en Tomlin als bestuurders aangenomen en een halfling kok en handelaar, Willibald.

4711, Sarenith 20

De reis loopt voorspoedig, maar we hadden vannacht wel al problemen met een andere karavaan. Ze vroegen om samen met ons te mogen overnachten, maar tijdens de nacht probeerden ze onze spullen te stelen. Als Graccus hen niet op heterdaad betrapt had, waren ze ermee weggeraakt. Ze hadden nog geprobeerd Graccus het zwijgen op te leggen, maar toen we allemaal klaar voor een gevecht op hen af kwamen, besloten ze zich over te geven. Sandru besliste hen te laten gaan, maar schold hen wel de mantel vol. Hij verzekerde hen dat hij overal zou vertellen wat voor een dieven ze zijn.

4711, Sarenith 20 (‘s avonds)

We zijn vandaag aangevallen door bandieten in de dienst van Korvosa. Blijkbaar gebeurt het wel vaker dat Korvosa en Magnimar elkaars karavanen aanvallen om de handel te saboteren. Ik had hun valstrik opgemerkt en waarschuwde de karavaan. We discussieerden of we om hen heen zouden reizen of we hen zouden aanpakken. Aangezien wij nu voorbereid waren op hun valstrik en ze anders wellicht andere reizigers zouden aanvallen, besloten we dat we ze zelf zouden uitschakelen. Ze zullen het niet navertellen, maar er was wel aanzienlijke schade aan enkele van de wagens. Die herstellingen zal ik uitvoeren als we in Galduria aangekomen zijn.

4711, Sarenith 24

We zijn in Galduria aangekomen. Morgen gaan we de stad in om onze goederen te verkopen. Bij onze aankomst vingen we van de wachters iets op over een huwelijk van een plaatselijke edelman en daarom wilden ze onze wagens doorzoeken. Ik besloot daarom twee zangvogels van Shelyn met ringen in de bek te maken uit een stuk hout. Ik denk dat ik best goed word in mijn houtsnijwerken. Ik zal alvast binnenkort nog wel iets voor Shalelu kunnen maken.

4711, Sarenith 25

We hebben vandaag onze goederen verkocht en hebben een aardige winst gemaakt. Ik ben later al eens bij het huis van het toekomstige koppel langsgegaan. De wachters vertelden me dat ik morgen bij de huwelijkstoet best mijn geschenk kan afgeven, aangezien het koppel nu druk bezig is met voorbereidingen. Van Hisashi hoorden we dat er een vreemde, magische plaag was in de stad en al snel bleek dat Bashir, de beer van Graccus, ook besmet was. Hisashi doet onderzoek naar de plaag. Blijkbaar wordt de Twilight Academy hiervan verdacht, maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat zij ook schuldig zijn.

4711, Sarenith 26

Vandaag bleek dat de plaag haar slachtoffers omvormde tot ondoden. Wingcaller is hierdoor zelf ook besmet. Ons onderzoek wees uit dat het een soort mummy-rot was, maar dan minder krachtig, en dat de besmetting afkomstig was van het water van het meer.

Toen ik de academy daarover ging inlichten, passeerde ik aan de huwelijkstoet en maakte ik van de mogelijkheid gebruik om mijn geschenk af te geven. Daarbij merkte ik op hoe er weinig vreugde en liefde leek te zijn in dit huwelijk. De man leek eerder zelfingenomen dan blij of liefdevol. Het meisje leek droevig. Ik wenste hen van harte toe dat Shelyn hen geluk en liefde mocht schenken.

Terwijl ik toch daar was, maakte ik ook van de gelegenheid gebruik om gauw even met de burgemeester te spreken, die aanwezig was op het feest. Ik waarschuwde hem voor het water van het meer en hij wees me op de riolen van de academy en zei dat we die misschien best eens zouden nakijken.

‘s Avonds sprak ik nog met Ameiko over het Varisian meisje dat duidelijk tegen haar zin met de edelman gaat trouwen. Ameiko merkte op dat ze ernaar zou vragen, maar dat dit soort dingen nu eenmaal gebeuren.

4711, Sarenith 27

We zijn vandaag in de Twilight Academy langs gegaan. Daar waren ze in eerste instantie niet erg behulpzaam, ondanks het feit dat ze zelf drie slachtoffers hadden, maar helemaal onbegrijpelijk was hun houding niet, aangezien ze (sinds een ongeval met carrion golems twintig jaar geleden) altijd beschuldigd werden als er iets magisch mis ging. We wisten ze toch te overtuigen om de boel grondig na te kijken en Graccus vond in het bassin van hun riool een spoor dat leidde naar hun cryptes. Eén van de lijken daar was blijkbaar een mummy geworden. Gezien de vele necromantische experimenten en de ondoden die ze gevangen hielden in hun academie was het eerder een kwestie van tijd voor er ooit iets mis zou gaan. Ik wees hen er dan ook op dat ze, gezien de aard van de experimenten en aangezien er al ooit iets mis was gegaan, ze toch echt veel voorzichtiger moesten gaan worden. Enigszins geërgerd namen ze mijn advies aan, maar ik hoop toch echt dat ze het zullen opvolgen. Ze gingen in ieder geval wel iets aan de mummy doen en zouden de tempel en autoriteiten van het dorp inlichten over de oorzaak van de plaag en dat het zou verholpen worden. Als beloning kregen we een platinum baar ter waarde van 1.000 goudstukken.

Later op de avond kregen we van Wingcaller te horen dat de academy wel uitleg had gegeven, maar niet het hele verhaal had verteld. Hijzelf had hen wel de ware toedracht verteld. Ik sprak ook nog met Ameiko over het huwelijk en ze vertelde me dat het meisje inderdaad niet uit liefde trouwde. Haar broer was namelijk veroordeeld wegens moord en dit huwelijk was haar manier om ervoor te zorgen dat hij zijn executie kon ontlopen. Ik heb medelijden met haar, maar ik moest het met Ameiko eens zijn dat er weinig was wat wij eraan kunnen doen. Toen ik er later met Shalelu over sprak, bevestigde zij dit nog eens. Ik hoop dat Shelyn echt over hen zal waken en hen niettemin geluk zal doen vinden.

View
Brinestump Marsh
Goblin jagen

4711, Sarenith 12

Shalelu heeft ons de opdracht toevertrouwd om de goblin plaag die Sandpoint teistert op te lossen. Blijkbaar hebben de goblins van de Licktoad stam vuurwerk te pakken gekregen en zijn ze hierdoor extra driest geworden. Aangezien Narvi en ik dit niet alleen aankunnen zijn we naar de Rusty Dragon gegaan om anderen te zoeken. Met de prijs die er op goblin oren staat, zou het niet moeilijk zijn om anderen te vinden. En inderdaad, niet lang nadat ik er met Ameiko over gepraat had, kwamen haar shoanti stalknecht, diens vreemde vriend en haar jongere broer zich aanmelden om te vertrekken. Samen overtuigden we Westley, die ook in de herberg zat, om op avontuur te gaan. Hoewel ik niks durft te hopen, kan ik er toch niks aan doen dat ik vlinders in mijn buik voel, omdat Westley mee op avontuur gaat. Ik ben ook wel blij dat Westley mee gaat. Niet dat ik hem zo goed ken, maar Hisashi begon onze kennismaking met te zeggen dat de vrouw, ik dus, mocht koken en hoewel Wingcaller en zijn vreemde vriend Ninetails wel ok lijken, voel ik me toch wat ongemakkelijk bij Wingcaller. Ik weet dat het me niet zou mogen dwarszitten, maar hij is zo shoanti en elf tegelijk. Het is gewoon een beetje verwarrend allemaal.

Aangezien de Licktoad goblins vanuit Brinestump Marsh opereren, raadde Ameiko ons aan om eerst bij Waltus Proudstump langs te gaan. Hij woont in het moeras en er zijn verder geen kaarten van die plaats. We hebben besloten haar raad op te volgen en ze gaf ons een fles wijn mee als geschenk voor de kluizenaar.

4711, Sarenith 12 (avond)

We hebben een vreemd wezen bevochten en gedood in het huis van Waltus. Het deed zich voor als Waltus en was duidelijk gewond. Nadat we het hadden genezen, viel het ons echter meteen aan, zichzelf onthullend als een onnatuurlijk monster. Voor ik goed beseft wat er gebeurde, werd mijn hulp aan het wezen bestraft door een monsterlijk klauw die me vastgreep en in m’n vlees beet. Toen het langs alle kanten werd aangevallen, liet het echter snel los en probeerde te ontsnappen. Westley bevocht hem dapper en wist zijn ontsnapping te voorkomen, ondanks het feit dat hij duidelijk ontdaan was door het monsterachtige wezen.

De echte Waltus bleek zich verschanst te hebben op de bovenverdieping van zijn huis. Zijn slangen hadden het monster verwond, waardoor hij de aanval van het beest overleefd had. We verzorgden zijn wondes en onze eigen wondes, waarna hij ging kijken hoe zijn slangen de aanval hadden doorstaan. Drie van hen bleken helaas gedood te zijn door het monster. Ik wilde dat ik de halfling op één of andere manier kon troosten voor zijn verlies, maar ik zou niet weten hoe.

Als dank voor zijn redding maakte Waltus eten voor ons gereed en bood ons onderdak aan. Ameiko’s wijn viel in de smaak en ik ben blij dat hij niet verloren was gegaan in ons gevecht met het monster. Ik kon het zelf niet nalaten een grapje te maken over Hisashi’s eerdere opmerking over de vrouw die mocht koken, door te zeggen dat hij geen voedsel van mannen aanneemt.

Morgen gaan we, via een ander pad, naar het goblin kamp.

4711, Sarenith 13

Onderweg naar het goblin kamp leidde Wingcaller ons. Hij raakte van het pad af, maar ik moet zeggen dat ik het in zijn plaats niet beter gedaan had. Het moeras zelf schijnt ons te willen misleiden en zelfs de dieren zijn onvriendelijk. De mist maakte het enorm moeilijk om de weg te vinden. Door onze omweg kwamen we aan een vreemde kampplaats, gemaakt van bomen, takken en modder, waar duidelijk één of ander beest verbleef. Terwijl we aan het rondkijken waren, gaf Narvi aan dat we werden beslopen en we maakten dat we terug buiten waren. Daar werden we door een monster aangevallen, dat door Narvi op afstand gehouden en door Ninetails snel gedood werd. Het vreemde wezen heeft niet alleen het uiterlijk van een griffioen, maar heeft ook het dodelijke instinct ervan.

De aanval op het goblin kamp verliep vrij gemakkelijk. Narvi slaagde erin de goblins uit te lokken door een deel van de paalconstructie, waarop het kamp gebouwd was, om te stoten. De rest van onze groep doodde de goblins snel en gemakkelijk. Ik liet één goblin ontsnappen, die bang en weerloos deed alsof hij dood was. Ik weet wel dat het wezen waarschijnlijk gewoon weer zijn oude gewoontes gaat opnemen en andere wezens gaat aanvallen en kwellen, maar ik kon me er echt niet toe brengen om een weerloos, bang wezen te doden, zelfs geen goblin.

In het gevecht met de goblin leider werd Hisashi bijna gedood en ik kon met één van mijn eenvoudigste rituelen zijn bloeden stoppen, waardoor hij het haalde. Ook Wingcaller, Ninetails en Westley raakten zwaar gewond. Ik voelde me machteloos, toen mijn krachten me in de steek lieten en ik zelfs met magie hen niet meer kon helpen. Maar gelukkig wist Wingcaller de goblin een laatste dodelijke wonde toe te brengen, waardoor we het nu allemaal kunnen navertellen. Na het gevecht doorzochten we het kamp en vonden we behalve het vuurwerk verschillende voorwerpen, die vermoedelijk van de Kaijitsu familie gestolen is. We hebben besloten de spullen waarvan we de eigenaar niet kennen, gewoon onderling te verdelen, maar de andere zaken gaan we proberen terug aan hun eigenaars te bezorgen, met name dan de kist van de Kaijitsu’s. Wel hebben we besloten eerst nog de kaart van het moeras te onderzoeken die bij de kist zat en waar verschillende plaatsen op staan aangeduid als mogelijk interessant.

Na het doorzoeken van de goblin kampplaats besloten we terug naar Waltus te gaan om op krachten te komen. Waltus heette ons weer van harte welkom en bood zijn bed aan om Hisashi op te laten rusten.

4711, Sarenith 14

Vanmorgen mediteerde ik om mijn magische energie weer aan te sterken, zodat ik Hisashi kon genezen. Toen ik bij hem in de kamer kwam, lag alles er overhoop. Hij zei zelf dat dat soort dingen wel vaker gebeurden sinds hij zijn magische krachten had gekregen. Hij genas zichzelf eerst verder en samen ruimden we daarna de kamer verder op. Daarna trokken we er via de kortste route op uit om het moeras verder te verkennen.

Die kortste route ging toch niet zo gemakkelijk als we ons hadden voorgesteld. Het was serieus ploeteren door de modder en we kwamen nauwelijks vooruit. Toen we aan een rivier kwamen, bood ik Hisashi aan om mee op Narvi te rijden, maar ons gezamenlijke gewicht was te groot voor Narvi. Ook Wingcaller en Ninetails hadden het moeilijk met de stroming. Pas toen Westley ons hielp geraakten we verder en slaagden we erin de rivier over te steken.

Op de eerste plaats die op de kaart stond aangeduid, vonden we de restanten van een oud schip. Het schip was gedeeltelijk verbrand en duidelijk geplunderd, maar aangezien deze plek was doorstreept op de kaart die we in het goblin kamp hadden gevonden, vermoedden we dat er op de andere plekken wellicht wel nog iets te vinden zou zijn.

Met hulp van een touw en Westley raakten we deze keer vlotter over de rivieren die we onderweg tegenkwamen. En zo kwamen we bij een oud huis in het moeras uit. Het huis was zwaar aangetast door vocht en mos en Narvi moest de deur openschoppen om ons binnen te laten. Binnen vonden we de restanten van een laboratorium. Lekkende vloeistoffen uit het laboratorium hadden de mossen in het huis aangetast, waardoor ze allerlei vreemde kleuren hadden. Toen we het nader wilden onderzoeken, stortte het huis echter in en we konden maar net op tijd uit het huis ontsnappen. Alleen Westley was net niet snel genoeg en raakte bedolven onder het puin. Met hulp van Narvi en een touw wisten we Westley te bevrijden, maar terwijl we daarmee bezig waren, hoorde ik iemand een spreuk uitspreken in een vreemde taal en ik waarschuwde de rest. Net toen we Westley loskregen, werd hij overspoeld door een zwerm ratten die vanuit het puin hem aanvielen. Met het vuurwerk van de goblins wisten we de zwerm tijdelijk uiteen te slaan, waarna de oproeper van de zwerm verscheen: een vreemd ratachtig wezen met handen en een bijna menselijk gezicht. We wisten het wezen te doden en toen verdween de rattenzwerm ook. In het puin vonden we nog wat waardevolle spullen en een betere kaart van het gebied.

Op de tweede plaats op de kaart vonden we weer een schip. Het werd ons duidelijk dat de twee schepen van de Kaijitsu familie waren geweest, maar toen we het schip verder wilden bekijken, werden we plots aangevallen door de “levend” geworden skeletten van haar bemanning. Mannen gekleed in vreemde harnassen en met vreemde, verroeste kromzwaarden. We wisten de skeletten makkelijk te doden, maar Westley was duidelijk aangedaan door de ondoden. Ik moet zeggen dat zo’n confrontatie met wandelende skeletten mij ook niet echt in de koude kleren kwam zitten, maar misschien is het doordat ik op een andere manier tegen de dood aankijk dan hem, dat ik het er toch minder moeilijk mee had als hem.

Hoewel we, mede dankzij de magie van Hisashi en mezelf, niet gewond waren door het gevecht, waren Hisashi en ik wel bijna door onze energie heen en dus besloten we niet verder te gaan zonder de ondersteuning van magie en eerst krachten op te doen door een nacht rust.

Terwijl we net buiten het moeras ons kamp opsloegen (het zou te ver zijn geweest om nog eerst terug naar Waltus te gaan), begon Wingcaller weer te vertellen hoe zwaar het leven wel is in de Cinderlands en hoe geweldig zijn volk wel is dat ze daar leven. Westley begon met een grapje te maken over de Cinderlands, maar merkte de gespannen reactie van Wingcaller op en zweeg toen. Ik probeerde de spanning nog wat te doorbreken door zelf een grapje te maken, maar plots vond Ninetails het nodig om op te merken dat ik van Shoanti-afkomst ben en hij vroeg of Navate Khuiia mijn geboortenaam was en hoe het kwam dat ik geen tattoeages had. Ik had bijna giftig geantwoord, maar Wingcaller kwam tussenbeide door op te merken dat Navate Khuiia duidelijk geen Shoanti-naam is. Ik wijdde me verder aan mijn houtsnijwerk en zweeg. Wingcaller en Ninetails zijn goede wezens. Ik wilde hen niet beledigen of kwetsen, maar ik voelde me niettemin toch te kwaad om verder te praten. Verschillende keren dacht ik over een manier waarop ik mezelf kon uitleggen, maar ik kreeg het gewoon niet verwoord. Toch niet zonder dat ik bitter zou klinken en de Shoanti verwijten zou maken.

4711 Sarenith, 15

Toen Wingcaller me vanmorgen wakker maakte om de wacht over te nemen, begon hij er opnieuw over. Ik merkte wel dat hij het goed bedoelde, maar ik antwoordde hem dat ik gelukkig was met wie ik nu ben en dat hij dat moet aanvaarden. Hij verontschuldigde zich voor Ninetails en hoewel ik vind dat Ninetails voor zichzelf moet spreken, heb ik de verontschuldiging toch maar aanvaard. Het heeft toch ook geen zin om wrok te koesteren tegenover Ninetails en Wingcaller voor iets waar zij geen schuld aan hebben, iets waar wellicht zelfs niemand schuld aan heeft. Dat Shalelu me verlaten gevonden heeft, wil niet per sé zeggen dat ze me met opzet achtergelaten hebben. Misschien is er echt wel een andere verklaring.

Na nog een eind ploeteren door het moeras kwamen we bij de grot aan die als laatste locatie op de kaarten was aangeduid. In het grottenstelsel kon Narvi ons niet volgen, dus zij bleef buiten achter. In de grotten werden we aangevallen door een vreemd watermonster en later weer door skeletten in die vreemde klederdracht. Volgens Hisashi waren ze van zijn volk. Tijdens het gevecht tegen de skeletten, had Westley het echt moeilijk en achteraf was hij zo moe dat we hem naar buiten de grot begeleidden en Narvi over hem lieten waken terwijl hij sliep. In de grot kwamen we in de finale confrontatie tegenover weer een skelet te staan. Deze leek echter anders dan de anderen. Om te beginnen sprak hij en volgens Hisashi daagde hij mij uit tot een duel. We hebben hem zijn duel met stoofajuintjes opgevoerd en hem met z’n allen in elkaar geslagen. Het zal hem wellicht verbaasd hebben dat een kreupel meisje dat door een (ondode) gewapende krijger in harnas wordt uitgedaagd, het niet nodig vindt om eerlijk of volgens zijn regels te vechten. Het heeft echter niet veel gescheeld. Op een bepaald moment zag ik zijn zwaard echt millimeters voor m’n gezicht voorbij zwaaien. Door de kracht van de zwaai leek hij wat precisie te missen en kon ik nog nipt achteruit wijken, maar toch zag ik een lok van mijn haren naar beneden dwarrelen, alsof de tijd even vertraagde. Tijdens het gevecht werd Ninetails met een felle slag achteruit geslagen en even zag ik hem verbleken en een nieuwe tattoeage leek te verschijnen op Wingcaller, maar Wingcaller schreeuwde het uit en er kwam bloed onder zijn kleren vandaan, alsof hij de snee had gekregen in plaats van Ninetails. Ninetails nam terug volledig vaste vorm aan en we konden de skelet-krijger verslaan.

Nadat we het gevecht gewonnen hadden en de ondode weer gedood, vonden we nog oude bezittingen van de Kaijitsu’s die we met de hulp van Westley naar buiten sleepten. Toen het magische zwaard van de ondode krijger op onverklaarbare wijze van Hisashi’s rug gleed en op de grond viel, vonden we een geheim compartiment in het gevest waar een boodschap in bleek te zitten. De boodschap was gericht aan de vader van Ameiko en Hisashi en had te maken met hun erfenis en onbekende vijanden. Ongetwijfeld is het iets belangrijks voor Ameiko en Hisashi.

View
Welcome to your Adventure Log!
A blog for your campaign

Every campaign gets an Adventure Log, a blog for your adventures!

While the wiki is great for organizing your campaign world, it’s not the best way to chronicle your adventures. For that purpose, you need a blog!

The Adventure Log will allow you to chronologically order the happenings of your campaign. It serves as the record of what has passed. After each gaming session, come to the Adventure Log and write up what happened. In time, it will grow into a great story!

Best of all, each Adventure Log post is also a wiki page! You can link back and forth with your wiki, characters, and so forth as you wish.

One final tip: Before you jump in and try to write up the entire history for your campaign, take a deep breath. Rather than spending days writing and getting exhausted, I would suggest writing a quick “Story So Far” with only a summary. Then, get back to gaming! Grow your Adventure Log over time, rather than all at once.

View

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.